
Welke wiet rookte Bob Marley? Lamb’s Bread en de ganja van de rasta’s
De Jamaicaanse soort die aan Bob Marley gekoppeld wordt, wat we echt weten over hoeveel hij blowde, zijn uitspraken over wiet en twaalf nummers over ganja.
Welke wiet rookte Bob Marley? Volgens de overlevering vooral Lamb’s Bread (ook Lambsbread of Lamb’s Breath), een oude Jamaicaanse landrace met een milder effect dan de zware soorten van nu. Marley zei er zelf zelden iets over, dus het blijft een overlevering. Hieronder: wat we wél weten over Marley en ganja, hoeveel hij rookte volgens de verhalen, zijn bekendste uitspraken en twaalf nummers over wiet.
Bob Marley en wiet: een vaste relatie
Bob Marley werd in 1945 geboren in Nine Mile, op Jamaica, en groeide uit tot een van de invloedrijkste muzikanten van de twintigste eeuw. Naast zijn muziek staat hij bekend om zijn diepe band met wiet, een belangrijk onderdeel van de rastacultuur.
Marley volgde het rastageloof waarin wiet, door rasta’s „ganja” genoemd, een heilige plant is die helpt bij meditatie en het contact met het goddelijke. Blowen hoorde gewoon bij zijn leven, niet alleen voor de lol, maar ook om inspiratie te vinden en spiritueel tot rust te komen.
Marley’s favoriete soort: Lamb’s Bread
Marley praatte niet vaak over specifieke wietsoorten, maar volgens de verhalen had hij een voorkeur voor „Lambsbread”, ook wel „Lamb’s Bread” of „Lambsbreath” genoemd. Het is een landrace uit Jamaica: een soort die daar van oudsher lokaal groeit. Het effect is zachter dan dat van de sterke soorten die je nu overal tegenkomt.
Lamb’s Bread stond erom bekend dat hij je ontspant en je humeur oppept zonder je plat te slaan. Marley en andere blowers uit die tijd waardeerden hem omdat hij creatief en relaxed maakte, en dat paste mooi bij de rastamanier van mediteren en nadenken.
Hoeveel joints rookte Bob Marley?
Hoeveel jonko’s Marley per dag rookte, weet niemand precies. Sommige verhalen zeggen dat hij op één dag flink wat wiet wegwerkte, maar dat hangt sterk af van wie het vertelt. Wat wel vaststaat: Marley blowde geregeld, vooral als onderdeel van zijn meditatie en tijdens het maken van muziek.
Uitspraken van Bob Marley over wiet
Marley wordt ook vaak geciteerd over wiet. Twee van de bekendste uitspraken die aan hem worden toegeschreven: „Herb is the healing of a nation, alcohol is the destruction” (wiet heelt een natie, alcohol vernietigt) en „When you smoke the herb, it reveals you to yourself” (als je wiet rookt, laat het je zien wie je bent). Er is geen harde bron voor, maar ze laten goed zien hoe hij erover dacht: voor hem kon de plant iets veranderen en iets helen.
Wat Bob Marley heeft achtergelaten
Marley’s band met wiet is een vast stuk van zijn nalatenschap. Sinds zijn tijd is er wereldwijd veel veranderd in hoe mensen naar wiet kijken en wat de wet ervan zegt, maar zijn invloed op cultuur en muziek is nog steeds voelbaar. Zijn muziek en zijn liefde voor de plant inspireren nieuwe generaties nog altijd.
Kort samengevat: Bob Marley had volgens de overlevering een zwak voor Lamb’s Bread en wiet hoorde bij zijn leven en zijn creativiteit. Zijn uitspraken over de plant worden nog altijd gedeeld, en als cultureel icoon is hij nergens heen. Zijn geest, zijn muziek en zijn liefde voor ganja kleuren de cultuur van nu nog steeds.

De beste nummers over wiet
Wiet is al decennia een bron van inspiratie voor muzikanten. Nummers over wiet gaan vaak over hoe mensen met de plant omgaan, wat het effect is en de cultuur eromheen. Van grappige teksten tot echte lofzangen: hier een rijtje met een paar van de beste nummers over wiet.
1. „Dooo It!” - Miley Cyrus (2015)
Miley Cyrus gaf ons in 2015 een wiethymne met „Dooo It!”. Ze is inmiddels gestopt met roken, maar het nummer viert wiet met humor en een flinke dosis lef.
2. „Addicted” - Amy Winehouse (2006)
Amy Winehouse zong in „Addicted” over haar relatie met wiet. Ze neemt iemand op de korrel die haar wiet oprookt en nooit iets terugkoopt.
3. „Because I Got High” - Afroman (2000)
Afroman liet ons lachen én nadenken met „Because I Got High”. Hij zingt over hoe al dat blowen je dagelijkse verplichtingen in de war kan schoppen.
4. „Gin and Juice” - Snoop Dogg (1993)
Snoop Dogg en wiet, dat is bekend. „Gin and Juice” is een ode aan blowen, gin met sap drinken en van het leven genieten, hoe je situatie ook is.
5. „Hits From the Bong” - Cypress Hill (1993)
Cypress Hill, een groep die helemaal vergroeid is met de wietcultuur, komt met „Hits from the Bong”. Het nummer vangt dat relaxte, euforische gevoel van een hijs uit de bong.
6. „Kaya” - Bob Marley (1978)
Reggaelegende Bob Marley zong over „Kaya”, Jamaicaans voor wiet. Het nummer straalt pure ontspanning en geluk uit.
7. „Sweet Leaf” - Black Sabbath (1971)
„Sweet Leaf” van Black Sabbath begint met een hoestbui van Tony Iommi, gevolgd door een legendarische gitaarriff. Het nummer is een liefdesverklaring aan wiet.
8. „Got to Get You Into My Life” - The Beatles (1966)
Het klinkt als een liefdesliedje, maar volgens Paul McCartney is dit nummer een ode aan wiet en aan wat het met zijn creativiteit deed.
9. „How High” - Redman en Method Man (1995)
Redman en Method Man brachten deze wiethymne uit in 1995, een viering van lekker stoned worden.
10. „Saca, Prende y Sorprende” - Cultura Profética (2014)
De Puerto Ricaanse reggaeband Cultura Profética schreef dit nummer als bijdrage aan het debat over het decriminaliseren van wiet.
11. „Cannabis” - Ska-P (1996)
Ska-P pleit in dit nummer voor legalisering van cannabis en hekelt de slechte kwaliteit en de hoge prijzen.
12. „Welcome to Tijuana” - Manu Chao (1998)
Manu Chao noemt wiet in het refrein van „Welcome to Tijuana”, van het album Clandestino.
DE CLUB
Word deel van de community
Growers met een naam en een gezicht, traceerbare batches, een echte community. Geen gelul, geen loze beloftes.
Word lid van de clubLEES VERDER
COMMUNITYWat betekent weed? Betekenis, gebruik en namen voor een joint
Wat weed precies betekent, hoe je het woord gebruikt en hoe ze een joint noemen in de rest van de wereld.
COMMUNITYWietgrappen en drugsmoppen: even lekker lachen
Een bak wietgrappen en drugsmoppen om even om te lachen, zonder preek en zonder iets anders te promoten dan humor.