NOTITIES

Hoe ontstaat een nieuwe wietsoort? Zo werkt een breeder

Mannetje, vrouwtje, stuifmeel en heel veel geduld: van de eerste kruising tot S1-zaden en polyhybriden.

DOOR Redactie CosechaLibre5 MIN LEZEN

Een nieuwe wietsoort ontstaat door twee planten met goede eigenschappen te kruisen: de breeder (veredelaar) verzamelt het stuifmeel van een mannetje, bestuift er een vrouwtje mee en selecteert daarna generatie na generatie de beste nakomelingen. De basismethode is minder ingewikkeld dan ze klinkt; het geduld dat erbij hoort, is het echte werk. Hieronder lees je hoe breeders te werk gaan, van de eerste kruising tot stabiele lijnen.

Waarom maken breeders nieuwe wietsoorten?

Veredelen hoeft niet superingewikkeld te zijn, en kwekers die eraan beginnen hebben er verschillende redenen voor:

  • Meer variatie in de kweek: voor veel fanatieke kwekers is je eigen genetica maken de logische volgende stap.
  • Nieuwe soorten ontwikkelen: door te kruisen ontstaan unieke soorten, afgestemd op de voorkeur van de breeder qua cannabinoïden, smaak en geur.
  • Klassieke genetica bewaren: met kruisen kun je klassiekers in leven houden en zorgen dat ze niet verdwijnen.
  • De plant echt leren kennen: een plant van begin tot eind volgen is de beste manier om te snappen hoe ze werkt en leeft.
Wietzaailingen in Jiffy-pluggen

Wat is een breeder en wat moet hij kunnen?

Een breeder is iemand die unieke, verbeterde wietgenetica maakt. Dit zijn de belangrijkste eigenschappen:

  • Geduld en doorzettingsvermogen: een nieuwe soort maken kost tijd, en een breeder moet volhouden in een proces waarbij succes nooit gegarandeerd is.
  • Oordeelsvermogen: weten welke eigenschappen je selecteert, met een balans tussen je eigen smaak en wat het publiek waardeert.
  • Scherpe zintuigen: planten beoordelen met je ogen, neus en handen; het oog van de breeder is cruciaal bij de selectie.
  • Ervaring: het vakmanschap van een breeder groeit met jaren werk en blijven leren.

Zo ontstaat een nieuwe soort: de basismethode stap voor stap

  1. De zaden kiezen:
    Een breeder begint met reguliere zaden, mannetjes en vrouwtjes: gefeminiseerde zaden zijn niet geschikt voor dit selectiewerk.
    Hij kiest twee soorten die hij goed vindt en die elkaar kunnen aanvullen.
  2. Het substraat:
    Er wordt in aarde gekweekt, voor een gezonde en betrouwbare ontwikkeling. Aarde geldt als een beter beheersbare omgeving om te veredelen.
  3. Groeien en de ouderplanten kiezen:
    De planten groeien door tot de bloei.
    Dan zie je welke vrouwtjes en welke mannetjes zijn, en de sterkste en gezondste worden de ouders.
  4. Het stuifmeel verzamelen en de vrouwtjes bestuiven:
    Het stuifmeel van de gekozen mannetjes wordt opgevangen.
    Daarmee worden de uitgekozen vrouwtjes bestoven.
  5. Alles opschrijven:
    Een goede breeder houdt van elke stap een gedetailleerd logboek bij: gekozen soorten, data en resultaten.
Jonge wietplantjes

Geavanceerde technieken om wiet te veredelen

  • Zelfbestuiving:
    Een vrouwtje wordt onder stress gezet zodat ze hermafrodiet wordt en zichzelf kan bevruchten. Zo blijft haar genetica bewaard.
  • Terugkruisen:
    Een plant wordt bevrucht met stuifmeel van een van haar ouders, om de genetica te stabiliseren en te bewaren.
  • F1-hybriden:
    De eerste generatie uit een kruising van twee ingeteelde lijnen. Daarvoor heb je stabiele oudersoorten nodig. De basismethode is een eerste kennismaking met veredelen: je snapt het proces voordat je aan de zwaardere technieken begint. Met geduld en ervaring komen breeders tot unieke soorten, en zo blijft de wietgenetica zich ontwikkelen.

Genetica bewaren: stekken en geavanceerde methodes

Je favoriete soorten bewaren en verbeteren is een belangrijke vaardigheid voor een kweker. Van klonen tot zelfbestuiving en polyhybriden: dit zijn de geavanceerde methodes die breeders gebruiken.

Klonen: genetica bewaren met stekken

Klonen met stekken is een basistechniek om een bepaalde soort te bewaren. Sommige exclusieve soorten zijn alleen als stek te krijgen, dus voor een breeder is dit onmisbaar. Meestal heeft een breeder het stekken eerst goed onder de knie voor hij verder gaat.

Zelfbestuiving: S1-zaden uit één stek

Zelfbestuiving is een geavanceerde techniek waarmee je S1-zaden haalt uit een vrouwelijke stek. Door het geslacht van de plant om te draaien, zodat ze mannelijke bloemen maakt, bestuift ze zichzelf.

Ideaal om een specifieke genetica te bewaren, en alle zaden die eruit komen zijn gefeminiseerd.

Kleinschalig veredelen binnen dezelfde kweek: goedkoop en overzichtelijk

Heeft een partij reguliere zaden goede resultaten gegeven, dan kruisen sommige breeders planten uit dezelfde kweek met elkaar: een mannetje en een vrouwtje uit hetzelfde zakje, ter plekke gekruist.

Deze methode zie je vaker buiten en geeft meer controle over de bestuiving, met mogelijk stabielere nakomelingen.

Polyhybride kruisingen: unieke maar onstabiele soorten

Polyhybriden ontstaan uit een kruising van twee verschillende soorten, met nakomelingen die genetisch gevarieerder en onvoorspelbaarder zijn.

Ze zijn onstabiel en heterozygoot, maar polyhybriden maken is spannend: je combineert unieke eigenschappen van verschillende planten. Ze stabiliseren kan een hele klus zijn, maar het resultaat is het waard.

Polyhybriden maken: ruimte en organisatie

Voor polyhybriden heb je ruimte nodig en een flink aantal planten.

Aparte zones voor zaailingen en stekken, en gescheiden ruimtes voor mannetjes en vrouwtjes, zijn een must om ongewenste kruisbestuiving te voorkomen. De mannetjes blijven ver uit de buurt van de vrouwtjes, anders krijg je kruisingen die je niet wilt.

Tot slot

Van klonen tot polyhybriden: veredelen biedt fanatieke kwekers eindeloos veel mogelijkheden. Elke methode heeft zijn uitdagingen en beloningen, en juist die mix van geduld, goed kijken en ervaring heeft alle soorten opgeleverd die we vandaag kennen.