Tekort bij je wietplant voorkomen en oplossen: van stikstof tot zink
KWEKEN

Tekort bij je wietplant voorkomen en oplossen: van stikstof tot zink

Gele bladeren, verbrande puntjes, knisperend blad: zo zie je wat je plant mist, en zo voorkom en verhelp je het per voedingsstof.

DOOR Redactie CosechaLibre7 MIN LEZEN

Een tekort herken je meestal eerst aan de bladeren: gele bladeren wijzen vaak op stikstof, verbrande puntjes op kalium, en knisperende, verbrande bladeren over de hele plant op meerdere tekorten tegelijk. Vaak ligt het niet aan te weinig voeding, maar aan een verkeerde pH of juist aan te veel voeding. Een wietplant heeft gezonde, gevarieerde voeding nodig om alles eruit te halen en een topoogst te geven.

De juiste balans van voedingsstoffen is cruciaal voor groei, ontwikkeling en opbrengst. Zonder goede voeding kunnen je planten allerlei tekorten krijgen die hun gezondheid en opbrengst raken.

Deze keer helpen we je om tekorten te voorkomen en ze snel te verhelpen als het toch misgaat, zodat je wietplanten sterk en gezond opgroeien en toppen van hoge kwaliteit geven.

Jonge wietplantjes

Macronutriënten en micronutriënten: het verschil

Macronutriënten

Macronutriënten zijn essentiële mineralen die een wietplant in grote hoeveelheden nodig heeft: stikstof, fosfor en kalium. Net zoals vetten, koolhydraten en eiwitten de basis zijn van wat wij eten, zijn deze mineralen onmisbaar voor de levensprocessen van de plant.

Zonder genoeg macronutriënten kan een plant niet goed groeien en zich niet goed ontwikkelen.

Micronutriënten

Micronutriënten zijn mineralen en elementen die je plant in veel kleinere hoeveelheden nodig heeft, maar ze zijn net zo belangrijk voor de gezondheid. Denk aan ijzer, zink en borium (zwavel is daarentegen een secundaire voedingsstof). Je kunt ze vergelijken met de vitamines en mineralen in ons eten.

Je plant heeft er maar weinig van nodig, maar als ze ontbreken, krijg je al snel tekorten en zieke planten. Zorg dus voor een evenwichtige aanvoer van micronutriënten om je wietplanten gezond en productief te houden.

Waardoor krijgt een wietplant een voedingstekort?

Een gezonde kweek is de basis voor een optimale ontwikkeling van je wietplanten: ze hebben voeding nodig om stevig te groeien, takken en bladeren te maken en uiteindelijk toppen van hoge kwaliteit te geven.

Een tekort ontstaat als de plant niet de voeding krijgt die hij nodig heeft. Dat geeft stress en maakt hem vatbaarder voor plagen, schimmel en ziektes. De opbrengst gaat omlaag, en in extreme gevallen gaat de plant zelfs dood.

Symptomen van voedingstekorten

Een voedingstekort zie je meestal aan de bladeren. Een paar van de bekendste symptomen:

  • Gele bladeren: wijzen op een gebrek aan stikstof.
  • Verbrande puntjes: kunnen een teken zijn van kaliumtekort.
  • Knisperende, verbrande bladeren: in ernstige gevallen kunnen alle bladeren dit laten zien, en dan is er sprake van meerdere tekorten.

Leren hoe je die tekorten herkent en aanpakt, is cruciaal om je planten gezond te houden.

Oorzaken van voedingstekorten

Niet elk tekort komt door te weinig voeding. De belangrijkste oorzaken:

  • Te weinig voeding: de plant krijgt niet genoeg essentiële voedingsstoffen.
  • Verkeerde pH: bij een pH die uit balans is, kunnen de wortels de voeding die er is niet opnemen.
  • Te veel voeding: overbemesting kan zouten laten ophopen, en die blokkeren de opname van andere voedingsstoffen.

Hoe voorkom je een tekort aan voedingsstoffen bij je wietplant?

Organische voeding gebruiken

Organische voeding is een prima manier om tekorten bij je wietplanten te voorkomen. Het hoeft niet, maar het heeft een paar voordelen:

  • Afbraak door micro-organismen: anders dan synthetische voeding, die direct bij de wortels komt, wordt organische voeding afgebroken door het bodemleven in je substraat. Zo kan de plant „eten” wanneer hij honger heeft en precies opnemen wat hij in zijn fase nodig heeft.
  • Langzame afgifte: organische voeding in poedervorm breekt langzaam af, waardoor de kans op tekorten kleiner wordt.

Nadelen van organische voeding

Organische voeding heeft ook een paar nadelen:

  • Prijs: organische voeding kan duurder zijn dan synthetische.
  • Tekorten oplossen: als er toch een tekort ontstaat, is dat met organische voeding lastiger snel recht te zetten. Dan moet je misschien een organische thee (compostthee) maken om de plant direct een boost te geven.

Synthetische voeding gebruiken

Werk je liever met synthetische voeding, of heb je die gewoon in huis, dan helpen deze tips om tekorten te voorkomen:

  • pH en ppm meten: meet bij elke voedingsbeurt de pH en de ppm (parts per million, het gehalte opgeloste stoffen) van je voedingsoplossing, zodat je planten de voeding goed opnemen.
  • Gecontroleerd voeden: houd in de gaten hoeveel en hoe vaak je voedt, zodat je niet overbemest en geen voedingsvergiftiging krijgt.

Zo voorkom en verhelp je tekorten en overschotten per voedingsstof

Goede voeding is van levensbelang voor de ontwikkeling van je wietplanten. Hieronder een uitgebreide gids om de bekendste tekorten te voorkomen en te verhelpen.

Stikstoftekort

Voorkomen:

  • Houd de pH van de grond tussen 6,0 en 6,5.
  • Gebruik een voedzaam grondmengsel.
  • Voed regelmatig, zodat je substraat rijk aan voeding blijft.
  • Voeg mycorrhiza toe aan de grond voor een betere opname van voedingsstoffen.

Verhelpen:

  • Gebruik organische meststoffen zoals vismeel, mest, luzerne of verenmeel.
  • Corrigeer de pH van de grond.
  • Spuit compostthee op de bladeren.
  • Voeg etensresten en vers snoeiafval toe aan je compost.

Fosfor

Voorkomen:

  • Gebruik grond met veel organisch materiaal.
  • Zorg voor een luchtigere grond.
  • Voeg mycorrhizaschimmels toe voor een betere opname van fosfor.
  • Verrijk je compost met mest.

Verhelpen:

  • Breng de pH naar de bovenkant van het ideale bereik.
  • Voeg wormenhumus en vismeel toe.
  • Gebruik organische meststoffen die rijk zijn aan fosfaat.
  • Geef niet te veel water.
  • Zet je planten zo nodig op een warmere plek.
Overzicht van voedingstekorten bij wietplanten

Kalium

Voorkomen:

  • Wees voorzichtig met voeding, zodat er geen zouten ophopen.
  • Voeg houtas en zeewiermeel toe aan je compost.
  • Geef met mate water.

Verhelpen:

  • Spoel je substraat door.
  • Corrigeer de pH van de grond.
  • Voeg kippenmest toe.
  • Spuit organisch zeewierextract op de bladeren.

Calcium

Voorkomen:

  • Voeg dolomietkalk toe aan de grond.
  • Houd de pH op 6,2.
  • Gooi eierschalen bij je compost.
  • Gebruik wormenhumus.

Verhelpen:

  • Gebruik een calcium-magnesiumsupplement (CalMag).
  • Breng de pH naar 6,2.
  • Geef water met een oplossing van gebluste kalk.

Zwavel

Voorkomen:

  • Verrijk je compost met mest.
  • Stimuleer het leven van schimmels en bacteriën in de grond.

Verhelpen:

  • Gebruik epsomzout (bitterzout) opgelost in water.
  • Corrigeer de pH als dat nodig is.

Magnesiumtekort

Voorkomen:

  • Voeg dolomietkalk toe aan de grond.
  • Gebruik compost met veel mest.
  • Houd de pH in balans.

Verhelpen:

  • Spoel je substraat door met water op pH 6,0.
  • Gebruik epsomzout opgelost in water.

IJzer

Voorkomen:

  • Voeg mycorrhiza toe aan de grond.
  • Houd de pH in de gaten om een voedingsblokkade te voorkomen.
  • Verrijk je compost met kippenmest, etensresten en zeewier.

Verhelpen:

  • Corrigeer de pH van de grond.
  • Spoel je substraat door en geef een ijzersupplement.
  • Gebruik een stikstofhoudende meststof om ijzer beter beschikbaar te maken.

Mangaan

Voorkomen:

  • Houd de pH in balans.
  • Gooi ananas, tomaten, bosbessen en wortels bij je compost.

Verhelpen:

  • Spoel je potten door.
  • Knip de aangetaste scheuten weg.
  • Spuit een bladvoeding op basis van zeewier.

Borium

Voorkomen:

  • Houd de grond goed vochtig, niet te nat en niet te droog.
  • Geef niet te veel voeding.
  • Gebruik grond die goed afwatert en luchtig is.
  • Gooi appels, bananen, broccoli en kikkererwten bij je compost.

Verhelpen:

  • Spoel je substraat door en corrigeer de pH.
  • Geef water met een oplossing van boorzuur.

Molybdeen

Voorkomen:

  • Houd de pH tussen 6,0 en 6,5.
  • Gebruik voeding van goede kwaliteit.
  • Gooi bonen, erwten, granen en rauwe noten bij je compost.

Verhelpen:

  • Spoel de wortels door en corrigeer de pH.
  • Spuit een bladvoeding van zeewier.
  • Geef compostthee verrijkt met wormenhumus.

Zink

Voorkomen:

  • Houd de pH op het juiste niveau.
  • Verrijk je compost met pompoenresten.
  • Voeg nuttige schimmels toe aan je substraat.

Verhelpen:

  • Breng een te hoge (alkalische) pH omlaag.
  • Geef niet te veel water.
  • Spuit een bladvoeding van vismeel of zeewier.