
Trips op je wietplant: zo herken je ze en hou je ze buiten
Zilveren sporen, zwarte puntjes en bladeren als papier: de tekenen van trips, en hoe je ze op afstand houdt.
Je herkent trips op je wietplant aan zilverachtige plekjes op de bladeren met piepkleine zwarte puntjes erbij (hun poep), en aan beestjes van 1 à 2 mm die wegspringen of wegvliegen als je de plant beweegt. Bij een flinke aantasting worden bladeren broos als papier en blijven de toppen klein. Hoe goed je zaden ook waren: trips is een van de meest voorkomende en schadelijke plagen, en hoe sneller je hem ziet, hoe minder hij van je oogst afsnoept.
Wil je je kweek beschermen en een goede oogst binnenhalen, dan moet je de symptomen van trips op wiet kunnen herkennen.

Wat is trips op wiet en wat doet het met je kweek?
Trips is een klein gevleugeld insect van 1 tot 2 mm, al kunnen sommige soorten tot 6 mm worden. Het hoort bij de orde van de franjevleugeligen (Thysanoptera), met zo’n 5.600 verschillende soorten.
Twee soorten die je het vaakst op wiet ziet, zijn Frankliniella occidentalis (de Californische trips), oorspronkelijk uit Californië en sinds 1986 aanwezig in het Spaanse Almería, en Thrips tabaci (de tabakstrips), die in Spanje en Portugal veel op uien zit.
Hoeveel schade doet trips aan je wiet?
Trips verwoest je oogst niet zoals sommige andere plagen dat kunnen, denk aan toprupsen of schimmels als meeldauw. Maar hij kan wel flink wat afdoen aan de hoeveelheid en de kwaliteit van je toppen. Daarom is het belangrijk dat je deze plaag herkent en onder controle houdt.
Hoe herken je een tripsplaag?
Trips is vrij makkelijk te spotten op wietplanten. Beweeg je de plant, dan zie je ze vaak van tak naar tak springen of vliegen, vooral bovenin de stengels en op de bovenste bladeren. Met het blote oog kunnen ze verschillende kleuren hebben, van wit en grijs tot rood, geel of bruin.
Een typisch teken van trips zijn witte of gelige vraatplekjes, meestal met poep in de vorm van kleine zwarte puntjes. Anders dan bijvoorbeeld witte vlieg scheidt trips geen honingdauw af, en zo kun je ze uit elkaar houden.
Ze vreten bovendien vaak vlak bij de rand van het blad, terwijl andere plagen liever andere stukken van het blad pakken.

Hoe leeft en vermenigvuldigt trips zich op wietplanten?
Deze plaag zie je vooral buiten en in kassen, en minder binnen, al kan hij ook daar opduiken en zich vermenigvuldigen. Vaak wordt gezegd dat trips op wiet vaker in het voorjaar opduikt dan in de zomer.
Trips kan zich zowel geslachtelijk voortplanten als via parthenogenese: een vrouwtje kan dan nakomelingen krijgen zonder bevrucht te zijn door een mannetje. Zonder bevruchting komen er alleen vrouwtjes uit.
Onder ideale omstandigheden legt een vrouwtje tussen de 30 en 300 eitjes, afhankelijk van de soort, de temperatuur en de luchtvochtigheid. Zorg daarom voor goede ventilatie en hou de luchtvochtigheid in de hand, dan komen er minder eitjes uit.
Weet je hoe trips leeft en zich gedraagt, dan kun je als kweker op tijd maatregelen nemen en de schade aan je planten beperken.
Symptomen van trips op wietplanten
Hoe komt trips op je wietplanten terecht?
Trips zijn piepkleine beestjes die je in het begin makkelijk over het hoofd ziet, door hun formaat en door de manier waarop ze hun eitjes leggen. Vaak merk je ze pas als ze al flink schade hebben aangericht, en dan staat de gezondheid van je planten echt op het spel. Wil je een tripsplaag voorkomen of goed aanpakken, dan moet je de symptomen herkennen en snel ingrijpen.
De belangrijkste symptomen van trips op je wietplanten:
- Zilveren sporen en zwarte puntjes: Een van de eerste zichtbare tekenen zijn zilverachtige sporen op de bladeren, een beetje zoals het slijmspoor van een slak. Daarbij zie je kleine zwarte vlekjes: de poep van de trips.
- Volwassen trips: Je ziet volwassen trips van plant naar plant springen of vliegen, vooral bovenin de stengels en op de bladeren. De kleur verschilt, maar door hun formaat zijn ze vaak lastig te zien.
- Broze bladeren die aanvoelen als papier: Bij een vergevorderde aantasting worden de aangetaste bladeren broos en krijgen ze een papierachtige structuur. Dat komt doordat trips zich voeden met het bladweefsel en zo de structuur beschadigt.
- Plant groeit niet meer door: Hoe verder de plaag gaat, hoe meer de groei eronder lijdt. Je planten blijven achter, de toppen worden kleiner en de opbrengst daalt.
Herken je deze symptomen op tijd, dan kun je ingrijpen en je planten gezond houden. Goed blijven kijken en de juiste aanpak zijn essentieel om trips op afstand te houden en een goede oogst te halen.
Hoe voorkom je trips op wiet?
Voorkomen is het halve werk als het om plagen gaat, en trips is geen uitzondering. Met een paar preventieve maatregelen voorkom je een plaag en hou je je planten gezond. Een paar tips die echt werken tegen trips:
- Geef niet te veel stikstof: Te veel stikstof, meestal door te veel groeivoeding of een zwaar bemest substraat, kan trips en andere plagen zoals witte vlieg aantrekken. Hou je voeding in balans om het risico klein te houden.
- Haal natuurlijke vijanden in huis: Zorg dat de natuurlijke vijanden van trips zich thuis voelen in je kweek. Gebruik geen insecticiden die voor hen giftig zijn, want zij spelen een sleutelrol in het klein houden van de tripspopulatie.
- Hang blauwe vangplaten op: Blauwe vangplaten werken heel goed tegen volwassen trips en laten je een plaag al in een vroeg stadium zien. Hang ze vlak bij je planten om trips in de gaten te houden en weg te vangen.
- Gebruik een preventief middel zoals Cannacure of Leaf Coat: Middelen zoals Cannacure en Leaf Coat leggen een beschermend laagje over de bladeren, waardoor plagen zich moeilijker kunnen vestigen en je planten beter tegen stress kunnen.
- Hou je kweek schoon: Kweek je binnen, loop dan niet met je straatkleren je kweekruimte in, anders neem je zo plagen mee. Hou alles schoon en vrij van vuil.
- Bekijk je planten regelmatig: Check je planten geregeld en kijk goed naar de boven- en onderkant van de bladeren, op zoek naar eitjes, vraatplekjes en andere tekenen van plagen.
- Zorg dat je compost of mest goed verteerd is: Gebruik je zelfgemaakte compost of mest in je moestuin, zorg dan dat die goed verteerd en plaagvrij is voordat je hem gebruikt.
- Gebruik middelen die je planten versterken: Silicate en Urtimax bevatten silicium, dat de opperhuid van de plant dikker en sterker maakt tegen plagen. Diatomeeënaarde, zoals Diatical, beschadigt het pantser van insecten.
- Denk aan biologische insecticiden: Prot-Eco Bio Neem en Trabe Pronem zijn biologische insecticiden die vaak bij wiet worden gebruikt. Ze werken op basis van neemolie, houden zuigende insecten zoals trips weg en helpen ook tegen schimmels. Spuit ze op het blad in een dosis van 1 tot 2 ml per liter water, of geef ze mee met het gietwater volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Gebruik ze niet meer in de 15 dagen voor de oogst.
Met deze maatregelen hou je je wietplanten vrij van trips en zorg je voor een gezonde, productieve kweek.
DE CLUB
Word deel van de community
Growers met een naam en een gezicht, traceerbare batches, een echte community. Geen gelul, geen loze beloftes.
Word lid van de clubLEES VERDER
KWEKENKnipschaar vol hars? 5 manieren om hem schoon te maken
Vriezer, isopropylalcohol, azijn, citrus of doekjes: zo krijg je de hars van je schaar en blijft hij scherp van oogst tot oogst.
KWEKENWat is hydro kweken en hoe bouw je zelf een hydrosysteem?
NFT, drijvende wortels, druppelaars en aeroponie in het kort, plus een zelfbouw-systeem met een bak, een pomp en een luchtsteen.