Je wietplant verzorgen per fase: wat heeft ze wanneer nodig?
KWEKEN

Je wietplant verzorgen per fase: wat heeft ze wanneer nodig?

Van het eerste worteltje tot de oogst verandert wat je plant van je vraagt. Per fase: hoe lang het duurt en waar je op let.

DOOR Redactie CosechaLibre5 MIN LEZEN

Een wietplant gaat door vijf fases (kiemen, kiemplant, groei, bloei en oogst) en elke fase vraagt iets anders: vocht en warmte in het begin, veel voeding tijdens de groei, en daarna minder dan 12 uur licht en speciale bloeivoeding. Snap je die fases, dan weet je op elk moment wat je plant nodig heeft.

Terwijl ze groeit, verandert je plant van vorm en veranderen haar behoeftes mee. Hieronder lees je elke fase, wat haar kenmerkt en wat je moet doen.

Kiemen: hoe begint de plant?

Alles begint bij het zaadje. Een goed wietzaadje voelt hard en droog aan en is lichtbruin tot donkerbruin. Een onrijp zaadje is meestal zacht, groen of wit, en zal waarschijnlijk niet kiemen.

De groei begint met het kiemen, en dat kan 1 tot 2 weken duren: dit is het moment waarop de plant geboren wordt. Daarvoor heeft het zaadje water en vocht nodig. Zie je het zaadje openbarsten en komt er een wit worteltje uit (de kiem), dan is de groei begonnen.

De volgende stap is het zaadje in de grond zetten, met het worteltje een stukje in het substraat, zodat de plant kan groeien. Als ze haar eerste twee blaadjes laat zien, is ze nog heel kwetsbaar, maar zodra die blaadjes wat groter worden en vorm krijgen, is je zaadje een kiemplant geworden.

De kiemplant: hoe bescherm je een jong plantje?

Deze fase duurt 2 tot 3 weken, en dan ontwikkelt de plant haar bladeren. Je ziet de blaadjes vorm krijgen en daarna de „vingers” van het blad uitgroeien. Een gezonde kiemplant is compact, met mooi groene, bijna glanzende blaadjes.

Kiemplanten groeien het best in een vrij vochtige omgeving. Het moet warm zijn (rond de 25 °C is ideaal): hang je lampen dicht bij de planten en zet ze steeds hoger naarmate de planten groeien.

Pas in deze fase goed op dat je niet te veel water geeft: de wortels zijn nog piepklein en hebben weinig water nodig. Bovendien is de plant gevoelig voor ziektes en schimmels, dus houd haar omgeving schoon en let op te veel vocht.

Zelfs wie buiten kweekt, begint vaak binnen onder kunstlicht, om de planten door deze kwetsbare fase te helpen.

De groeifase: wat geef je je plant?

Deze fase duurt 2 tot 8 weken, en nu groeit de plant het hardst. Ze zou inmiddels verpot moeten zijn naar een grote pot. Je geeft meer water, en dan door de hele pot heen, zodat de wortels goed nat worden.

In de groeifase zijn planten gek op voeding: dit is het moment om te checken wat je ze geeft en hoeveel. Je kunt nu ook zien of je plant een mannetje of een vrouwtje is, door naar de voorbloei op de nodes (de knopen van de stengel) te kijken. Vrouwtjes laten kleine witte haartjes zien, mannetjes kleine balletjes. Heb je een mannetje, zet hem dan apart, zodat hij je andere planten niet bestuift.

De groeifase is een sleutelmoment in het leven van een wietplant. Geef je planten de best mogelijke omstandigheden, zodat ze zo groot en gezond mogelijk worden. De grootte van de plant zegt grofweg iets over de grootte van je oogst: hoe groter ze wordt, hoe meer nodes, en dus plekken waar toppen kunnen komen.

De bloei: hoeveel weken en welke zorg?

Afhankelijk van de soort duurt de bloei ongeveer 6 tot 8 weken. Krijgt de plant minder dan 12 uur licht per dag, dan begint ze te bloeien. In deze fase kun je alleen tot ongeveer de tweede bloeiweek nog snoeien. De toppen worden zwaar, dus dit is het moment om de plant te ondersteunen, zodat er geen takken afbreken. De voeding moet nu specifiek bloeivoeding zijn.

Buiten komt de bloei vanzelf als de dagen korter worden, wanneer de zomer overgaat in de herfst. Binnen start de kweker de bloei zelf door het licht terug te brengen van 16-18 uur naar 12 uur per dag.

De voedingsstoffen die in deze fase het meest nodig zijn, zijn fosfor en kalium (PK).

De oogst: hoe weet je dat het zover is?

Oogsten hoort eigenlijk niet bij de groei, maar je moet wel weten wanneer het moment daar is. Als de haartjes op de toppen (de stampers) van wit naar oranje of bruin kleuren, is je plant klaar. De trichomen gaan van doorzichtig naar melkachtig en daarna naar amber. Is de cyclus rond, dan oogsten veel kwekers het liefst ’s ochtends, met het idee dat de plant ’s nachts meer trichomen aanmaakt.

Je leert je planten het best kennen door ze te bekijken en elke dag voor ze te zorgen. Elke plant en elke kweek leert je weer iets nieuws en helpt je je techniek en de kwaliteit van je kweek te verbeteren.

Hoe lang duurt het om een wietplant te kweken?

Grofweg heb je 12 tot 24 weken nodig, oftewel 3 tot 6 maanden, om een plant uit zaad te kweken. Het snelst gaat het met een stek of een autoflower.

Het grootste verschil in duur zit in de groeifase, tussen de kiemplant en de bloei.

Kweek je binnen, dan kun je een plant al na een paar weken laten bloeien. Kweek je buiten, dan ben je afhankelijk van de seizoenen: je moet wachten tot de zon eerder ondergaat, richting de herfst, voordat ze gaat bloeien.